Dit project monde uit in een boek genaamd Metterwoon in Kennemerland.

Volgens de plannen van de werkgroep, zou er ook aandacht worden geschonken aan de echte oude Haarlemse en Zuid-Kennemer geslachten, namelijk van vóór 1600. Dat deze oude geslachten nog niet zouden zijn uitgestorven, was daarbij de achterliggende gedachte. Het bleek evenwel dat deze geslachten niet bij de inzendingen van de leden van de Nederlandse Genealogie Vereniging, Afdeling Kennemerland werden aangetroffen.
Enkele citaten uit het boek Metterwoon:
Wij kunnen ons voorstellen, dat u zult zeggen: Maar is het wel nodig zover terug te gaan in de tijd?
Een familie die al in de tijd van Napoleon in Haarlem woonde kan zich toch wel met enig recht "echt Haarlems" noemen? Inderdaad, want het zou inhouden, dat leden van het betreffende geslacht al bijna 200 jaar in dezelfde omgeving hebben gewoond en dat is toch wel vrij lang. Het kenmerk van iedere Haarlemse familie,in heden en verleden, is per definitie, dat te eniger tijd een voorvader van die familie zich "metterwoon" te Haarlem vestigde. Met andere woorden, alle Haarlemse families kwamen oorspronkelijk van elders.
De belangrijkste en in getal grootste groep immigranten, die aan het eind van de 16de eeuw naar Haarlem en omgeving kwam, bestond uit Walen en Vlamingen die de Zuidelijke Nederlanden waren ontvlucht voor het Spaanse geweld. De toevloed van Vlamingen was zo groot, dat de wijk waar deze groep voornamelijk
onderdak vond, namelijk de Vijfhoek, de "Vlaamse buurte" werd genoemd. Op den duur kreeg de stad Haarlem een Vlaams karakter, niet in het minst door de monumentale bouwwerken van Vlaamse bouwmeesters die nog steeds onze stad sieren. Ongetwijfeld heeft deze omvangrijke groep immigranten in Haarlem en omstreken nog wel andere sporen achtergelaten en is het niet onmogelijk dat een aantal van deze van oorsprong Vlaamse families nog steeds in deze omgeving voorkomt.
Het hoofdmotief voor immigratie is echter door de eeuwen heen van economische aard geweest.
Zo zien wij in tijden van voorspoed de bevolking van een stad of streek toenemen terwijl in een tijd van malaise van afname sprake is. Net als nu, was er ook toen vooral vraag naar vaklieden, die zoals men dat tegenwoordig noemt tot de middenklasse behoren. Zowel de bovenlaag, die werd gevormd door de regenten, als zij die tot de onderzijde van de samenleving behoorden, waren het minst mobiel. Dit laatste gold door de 18de en 19de eeuw ook voor de familie Mes in Haarlem. Vandaar een honkvast familie.